QUBBAT Ạs-̣sAHRA
De befaamde “Koepel
van de
Rots” (qubbat ạs-̣sahra)
op de Moriahberg in oud-Jeruzalem, is het oudste kunstwerk van de
moslimarchitectuur en tevens
één van de prachtigste voorbeelden ervan. Het gebouw, met zijn (binnen de islam) unieke
architecturale stijl, is géén moskee maar een
religieus schrijn. Het is gebouwd op de westelijke helft van wat sedert
de militaire annexatie van Jeruzalem door Israël (in 1967) de
"Tempelberg" wordt genoemd,[1]
boven de rots waarop
Abraham, volgens de joodse traditie, zijn zoon zou hebben willen
offeren. De koepel maakt deel uit van een architecturaal complex dat
het gehele plateau beslaat, met aan het andere eind van de N-Z as de
al-Aqsa moskee (zie
foto
van de Koepel doorheen de dubbele toegangsarcade, en
foto, vanaf de Koepel, doorheen dezelfde poort,
richting al-Aqsa). Het geheel werd later bekend als al-haram
ash-sharîf, of het Nobele
Heiligdom.[1bis]
Bouwheer van het kunstwerk (dat blijkens inschriften voltooid
werd A.H. 72 of 691/2 nK) was de Umayyadenkalief
cAbd
al-Malik (685-705) - en dus niet, zoals de oude benaming ervan als 'Moskee
van Omar' aangeeft, de tweede kalief. Op zijn munten verwees cAbd
al-Malik naar zichzelf als khalîfat
Allâh, "stedehouder Gods" (in plaats van het latere
khalîfat rasûl
Allâh, "stedehouder van Gods gezant"). Onder zijn
bewind kwam er een proces van islamisering van de administratie, enz. van het rijk op gang.
Het gebouw, opgetrokken in Byzantijnse
stijl (“het is één van de best
bewaarde Byzantijnse monumenten”)
maar met ook Perzische, artistieke invloeden, is achthoekig. Het wordt
overdekt door een centrale
(houten) koepel die aan de buitenzijde bekleed is met verguld koper; de
diameter
van de koepel is ruim 20 m. De christelijke Heilige Grafkerk (gebouwd
335, op last van Constantijn de Grote)
heeft er allicht model voor gestaan. Ook andere christelijke monumenten
worden met de Rotskoepel geassocieerd (zoals het San Vitale, in
Ravenna; de Palatijnse kapel, in Aken; de kathedraal in het Syrische
Bosra...), maar niet één ervan bezit dezelfde
geometrische perfectie. Behalve door die unieke vorm, wordt het gebouw
ook gedefinieerd door de veelkleurigheid van de marmer- (benedenhelft)
en mozaïekversiering (bovenhelft), zowel van binnen als van
buiten (maar de buitenmozaïek werd in de 16de eeuw, onder de
Osmanen, vervangen door veelkleurige keramiek)
Zie Richard Hoogland,
Architectuur
en Kunst, in: Driessen (1997), p. 310. Voor een diepgaande
studie over
het bouwwerk, zie nu Oleg Grabar, The
Shape of the Holy: Early
Islamic Jerusalem (Princeton 1997); ik baseer me op de
bespreking van
het boek door Peter Partner, in: The New York Review of Books,
XLV,
nr. 2 (February 5, 1998), pp. 27-28. Adang, in:
Driessen (1997),
p. 232, verwijst naar een veel ouder artikel van Grabar,
The Umayyad
Dome of the Rock in Jerusalem, in: Ars Orientalis,
3 (1959),
pp. 33-62. Zie ook A.Rippin, Muslims. Their Religious Beliefs
and Practices, 2001², pp. 61-65.
Het bouwen ervan had misschien een intern-islamitische,
religieus-politieke functie: Mekka, in deze periode,
was in handen van een tegenkalief, en het schrijn was wellicht bestemd
als bedevaartsplaats, met mogelijkheid tot typische
bedevaartactiviteiten, zoals de ommegang,
binnen de colonnades (zie
foto van
interieur). Tegelijkertijd had de Rotskoepel
ongetwijfeld de symbolische functie de 'imperiale' ambities te
onderstrepen en bevestigen van het
jonge moslimrijk, als overwinnaar op en historische erfgenaam van de
Byzantijnse
en Perzische rijken, alsook de religieuze aanspraken van de nieuwe
religie,
"de islam", als "abrahamitische" verkondiging. Die
“architecturale proclamatie”
(Grabar)[2]
van de triomf van de islam, met name op het christendom,[3]
werd ook tekstueel onderstreept, nl. in de 240 m lange, kalligrafische
tekstband
die (hier voor het eerst) werd aangebracht rondom de colonnade (buiten-
en binnenkant), binnen het schrijn. De inscriptie is
uniek genoemd “wegens de nadruk die ze legt op de
relaties tussen islam
en christenheid”.[4]
Terwijl ze de nieuwe religie uitdrukkelijk als "islam"
benoemt, bevat ze o.m. de volgende
aansporing - het gaat om een passus uit de Koran, nl. sura 4, v. 171
(L):[5]
¶ Mensen van het boek! Gaat
niet te ver in jullie godsdienst
en zegt over God alleen maar de waarheid. De masieh, cÎsâ,
de zoon van Marjam, is Gods gezant en Zijn woord dat Hij richtte tot
Marjam en een geest bij Hem vandaan. Gelooft dan in God en Zijn
gezanten en zegt niet: 'Drie'. Houdt daarmee op, het is beter voor
jullie. Immers, God is één god. Geprezen zij Hij!
Dat Hij een kind zou hebben!
Niettegenstaande die kritiek op het christelijke 'tritheïsme',
manifesteert de gehele inscriptie, aldus Grabar, een opvallend
verzoenende houding t.a.v. de christenen.[6]
De Rotskoepel m.a.w. beoogde de ideologische betekenis van het
christelijke Jerusalem te transformeren in iets dat meer aanvaardbaar
was voor moslims - niét, die betekenis simpelweg te
loochenen.[7]
Ook de plaats van de
Rotskoepel is natuurlijk zeer betekenisvol: eens had zich op deze
Moriahberg (veeleer een heuvel, natuurlijk) de joodse Tempel bevonden, die voor de eerste maal
opgericht was door Salomon (de Koepel
van de Rots staat op het voorplein van die voormalige tempel), en die
later,
"overeenkomstig Jezus' profetie", door de Romeinen verwoest was.[8] Opvallend genoeg,
hadden ook de christelijke keizers de ruïne in dezelfde
desolate toestand gehouden als hun heidense voorgangers - wellicht “as
a symbolic religious gesture of the culpability of the Jews” (Partner,
l.c.). Des te significanter daarom was het gebaar van de tweede kalief,
cUmar,
om in 637-38 bij de overgave van de stad precies op de Moriahberg te
komen
bidden.[9]
In de Koran, met sura 17, bijgenaamd
"de Nachtreis" (al-isrâ'),
weliswaar nog heel vaag,[10]
en vervolgens uitdrukkelijk in de latere legende van Muhammads "Nachtelijke
Reis" naar Jerusalem en zijn "Hemelvaart" aldaar,
en het daarbij aansluitend, jaarlijks terugkerende feest van
de "Nacht van de Hemelvaart" (laylat al-micrâj)
- gevierd op de 27ste dag van de 7de maand, Rajab -, heeft al-haram
ash-sharîf voor moslims een unieke religieuze
markering gekregen.[11]
Tot
1962 werd de hajj naar Mekka traditioneel
combineerd met een bedevaart
naar Jeruzalem.
Afsluitend: zowel het judaïsme als het
christendom, zo wou met dit indrukwekkende complex gezegd zijn, hadden
in de islam niet zozeer hun meester of vijand, als wel hun meest ware
expressie en finale "voltooiing" gevonden.[12]
Of: hier spreekt ontegensprekelijk het bewustzijn van de moslims dat
Profeet Muhammad niét gekomen was om de universele
menselijke geschiedenis te vernietigen, maar integendeel om haar in
vervulling te doen gaan.

TERUG
NAAR "Wortels"
 TERUG
NAAR "Klassiek Arabisch Denken"
TERUG
NAAR "LINKS"
|
Noten:
[1]. "'Tempelberg' is koloniale Newspeak
die opdook na de verovering van Jeruzalem in 1967. Daarvoor hadden alle
media (en ook de reisgidsen) het over de berg Moriah. Wat de kristenen
De Klaagmuur noemen en de joden de Westelijke Muur of de Tempelmuur is
volgens de archeologen een constructie waarvan de onderlaag (de dikke
blokken) door de Romeinen zijn gebouwd en de bovenlaag (de kleinere,
meer regelmatige stenen) door de Arabieren. Tempelberg is dus een nogal
surreëel woord: er is geen Tempel te zien, en eigenlijk ook
geen berg, maar een esplanade (de afgeknotte top van Moriah). Op het
Haram al Sharif (Edele Heiligdom) staan niet enkel de Rotskoepel en de
Al Aqsa, maar nog een reeks kleinere moslim heiligdommen, waarvan er
twee ook belangrijk zijn voor de kristenen: De woonnis van Maria (die
volgens de Moslims een tempeldienares was) en de wieg van Jesus"
(email-noot van Lucas Catherine).
[1bis]. Zie voor info over het gehele complex, de
Online gids, "The
Noble Sanctuary", URL:
www.noblesanctuary.com. Voor een cartografische situering van het complex
binnen "oud-Jerusalem", zie het
kaartje [afkomstig
uit De Volkskrant, n.a.v. de door de Israëli's verrichte graafwerken
onder de al-Aqsa, die de begrijpelijke woede uitlokten van de
Palestijnse moslims, 19.02.07].
[2].
Eén van
de meest opmerkelijke aspecten van het islamitische Haram
ash-Sharif complex (d.w.z. de Rotskoepel en de andere ermee
verbonden constructies: de al-Aqsâ Moskee en de Dubbele Poort
- alle drie gebouwd op een noordzuid-as) is
“the
dramatic isolation of its main buildings and their complete detachment
from the complex jumble of the rest of the city”,
Partner, l.c.; de enorme open ruimte van de site staat in
een opvallend contrast met de 'typisch' moslimse urbanisatie, die geen
functie had voor de publieke markten en pleinen die de steden hadden
overgeërfd uit de Grieks-Romeinse oudheid (open ruimtes werden
gewoonlijk binnen het private domein gehouden). Het dramatische effect
van die geïsoleerde positie is ook vandaag nog aanwezig (zie foto).
Grabbar's uitdrukking “architecturale
proclamatie” lijkt dus niet
ongepast.
[3].
De Rotskoepel is, zoals gezegd, een toonbeeld van 'Byzantijnse' kunst.
Ook de verplaatsing van het zwaartepunt van het rijk door de Umayyaden,
nl. van Arabië naar Syrië, moet allicht mede in deze
context geplaatst worden.
[4].
Door Oleg Grabar, in een bundel
van 1976, geciteerd bij Fowden, o.c., p. 142 n.
[5].
De inscriptie is daarmee het
oudste bewaarde testimonium voor de Korantekst (andere in de Rotskoepel
weergegeven passages die de “islamitische
christologie” weergeven, zijn bv. s. 17, 111; 19, 34-37,
112). Ik volg de vertaling van F.Leemhuis.
[6].
Zo stipt Grabar aan dat de keuze
van Koranverzen wellicht bewust een aantal problematische
dogma’s i.v.m.
Jezus vermijdt (zoals zijn maagdelijke geboorte, dood en verrijzenis).
Cf. Partner, o.c., p. 27.
[7].
D.w.z.: “the history of the
Dome of the Rock seems to confirm the picture of an early Islam that,
although
imperialist, was willing, up to a point, to tolerate the culture of its
Christian adversaries”, Partner, l.c., in zijn
weergave van het boek
van Grabar. Rippin (2001), p. 64, stipt aan dat het gebouw
tegelijkertijd
- in een periode toen er nog geen sprake was van een uitgewerkte
moslimidentiteit
- ook aan de eigen gelovigen spirituele leiding moest geven: "That
is,
the Dome was built as a symbol of, and a vehicle for, the emergence of
the self-definition of Islam over against Christianity... Its
construction
served to indicate the gradual emergence of Islamic identity in a form
expressive and meaningful for all to behold".
[8].
De eventuele, oorspronkelijke tempel van Salomon (de historiciteit ervan is
betwistbaar) was verwoest door de Assyrische
koning Nebukadnezar en werd (herop)gebouwd door koning Herodes (73-4 vK), die
een aantal grote bouwwerken op zijn actief heeft. Onder de Romeinen,
werd hij een eerste maal verwoest in 70 nK, door de troepen van keizer
Titus. In 135 nK, met het
neerslaan van de Bar Kochba revolte, werd de gehele site verder
verwoest.
[9].
Jerusalem (al-Quds, "de Heilige"), dat reeds
in 614 met militair geweld was ingenomen door de Perzen (die het
bestuur
hadden toevertrouwd aan de minderheid van joden die er nog woonden),
had
zich zonder verzet onderworpen aan het nieuwe moslimregime: cUmar
(634-644) was - zonder troepen - in 637-38 die overgave komen
aanvaarden. Hij had daarbij de uitnodiging afgewezen om samen met de
christelijke patriarch in diens kerk te bidden - met als argument dat
hij de kerk daarmee in de toekomst tot een heilige plaats voor moslims
zou hebben gemaakt, zodat de christenen de toegang zou ontzegd worden.
In plaats daarvan had hij gekozen om te gaan bidden tussen de
ruïnes en de rommel op de Moriahberg.
[10].
S. 17, 1: ¶ Geprezen zij Hij die Zijn dienaar
[Muhammad] bij nacht een reis liet maken van de heilige moskee naar de
verste moskee (al-masjid al-aqsâ) waarvan Wij de omgeving
gezegend hebben om hem iets van Onze tekenen te tonen”.
Volgens de meeste Korancommentatoren wordt hiermee op Jeruzalem
(Arabisch:
al-Quds, "de Heilige") gealludeerd. Na
hun inname van de stad bouwden de moslims op het zuidelijke einde van
de Moriahberg eerst een houten moskee en nadien, na de bouw van de
Rotskoepel, de voorganger van de huidige al-Aqsâ
moskee. Merkwaardig genoeg, bevatten de Koranverzen op de tekstband van
de Rotskoepel geen enkele allusie op de nachtelijke reis van de
Profeet, van Mekka naar Jeruzalem. Voor een (interactieve) panoramische foto van
het interieur van de al-Aqsâ moskee, zie URL van Visual Dhikr,
http://www.visualdhikr.com/extra/aqsa_pano.php (Adobe Flash
Player 9).
[11].
Volgens de latere traditie werd de Profeet door het gevleugelde paard
Burâq naar Jerusalem gevoerd (om hem nog dezelfde nacht terug
te brengen naar Mekka: voor een latere, Perzische miniatuurvoorstelling hiervan,
klik hier). Op de Moriahberg, boven de rots van Abraham,
was hij dan door aartsengel Gabriël omhoog gevoerd door de
zeven hemelen (dit is Muhammads micrâj,
of 'hemelvaart') en voorgesteld aan zijn voorgangers-profeten, zoals
Jezus,
Mozes en Abraham. Zie Adang, in: Driessen (1997), pp. 230-231.
[12]. Een
ander, indrukwekkend voorbeeld van architecturale integratie van de
christelijke “voorgeschiedenis” van de islam,
levert natuurlijk ook de Grote of Umayyadenmoskee in Damascus (gebouwd
tussen 706 en 714, onder kalief Walid)). Deze prachtige moskee is
gebouwd op de plaats waar voorheen de christelijke basiliek stond (die
zelf de plaats had ingenomen van een Romeinse Jupitertempel).
Byzantijnse kunstvormen zoals fresco’s en mozaïeken
(cf. de gigantische mozaïek in de galerij rond de hof, met
uitbeelding van de veroverde steden en landschappen: gedeeltelijk
bewaard), evenals het voor een basiliek typische dwarsschip (het zeer
hoge dwarsschip in deze moskee wordt bekroond door de koepel van de
zgn. maqsûra, of loge der kaliefen) en de
zuilencolonnades
werden door de islamitische bouwmeesters in de nieuwe moskee opgenomen.
Dit oudste voorbeeld van de zgn. Syrische of transeptmoskee stond
nadien
ook model voor o.m. de Grote Moskee van Cordoba. Zie voor een
korte
beschrijving, Hoogland, in: Driessens (1997), p. 310.

|
TERUG
NAAR "Wortels"
 TERUG
NAAR "Klassiek Arabisch Denken"
TERUG
NAAR "LINKS" |
|