ARCHIEF VAN DOCUMENTEN

• ARCHIEF-INDEX • CIE-INDEX •

De hedendaagse begrafenisrituelen in de islam

[F.M.Denny, in: The Oxford Encyclopedia of the Modern Islamic World, 1995, vol. 2; vertaling: H.De Ley]

De Koran schenkt heel veel aandacht aan de menselijke dood en de religieus-morele betekenis ervan, maar bevat niets over begrafenisrituelen. Er is heel veel informatie in de hadîth (Tradities), maar de preciese regelgeving moet gezocht worden in de boeken van de fiqh (moslimrecht). Regionaal doen zich belangrijke variaties voor - meestal gaat het om volksgebruiken -, maar hedendaagse reformistische invloeden hebben geleid tot een wijdverbreide voorkeur voor kanonieke begrafenisrituelen. Moslims beschikken over algemeen verbreide gebruiken betreffende de geëigende islamitische attitudes, procedures en rituelen die verbonden zijn met het verwachten van de dood, het in gereedheid brengen van het lichaam voor begraving en het teraardebestellen ervan in een graf.

Moslims geloven dat de dood tijdens het gehele leven voor ogen dient gehouden te worden; ze mag niet gezien worden als de afsluiting van het leven maar als de belangrijkste faze in de vooruitgang van de ziel. Bij het sterven moet een soera uit de Qor'ân worden gereciteerd, bij voorkeur Yâ Sîn (soera 36). Verwanten en vrienden moeten aanwezig zijn om te bidden voor de stervende en om troost te bieden. De Shahâda moet in het oor van de stervende opgezegd worden, in de hoop dat hij of zij zich deze belijdenis en andere principes van de islam zal herinneren wanneer hij/zij in het graf ondervraagd wordt door de engelen Munkar en Nakîr.

Moslims wordt gevraagd hun doden zo snel als mogelijk te begraven, liefst voor het vallen van de duisternis op de sterfdag. Het vaststellen van de dood moet prompt gebeuren. Zodra het lichaam koud is, worden ogen en mond ervan gesloten, de ledematen worden gerecht en het lichaam bedekt met een laken. Indien mogelijk, moet de stervende op zijn/haar rechter zijde worden gelegd, in de richting van Mekka. Een naaste bloedverwant van hetzelfde geslacht, of de echtgenoot of echtgenote, of een professionele lijkenwasser geeft het lichaam een volledige wasbeurt volgens een ritueel gereglementeerde wijze, gewoonlijk driemaal, waarbij schroom en fatsoen maximaal in acht worden genomen. In de lichaamsopeningen wordt doek aangebracht en de ledematen, uiteinden en lichaamsholten worden besprenkeld met parfum.

Hoewel er variaties zijn, wordt de voorkeur gegeven aan eenvoud in het omwikkelen van het lijk, met de lijkwade. Normalerwijze vereist dit drie stukken stof voor mannen en vijf voor vrouwen, waarbij het lichaam geheel en al omwikkeld is door het finale, strak aangetrokken doek. Hoewel een eenvoudige kist mag gebruikt worden, is zulks toch niet vereist. Een moslimmartelaar, evenwel, wordt onmiddellijk begraven in de klederen die hij/zij droeg op het ogenblik van de dood, zonder wassing of verdere ceremonie, behalve het begrafenisgebed en de begrafenis.

De uitvaartplechtigheid (met de salât al-janâzah) mag gehouden worden in elke zuivere en waardige plaats, binnenshuis of buitenshuis, maar normaal niet in een moskee. Bij de korte, vierdelige dienst blijft de congregatie de gehele tijd rechtstaan.

Het lichaam wordt vervolgens in het graf gelegd. Dat laatste moet voldoende diep zijn om veilig te zijn tegen dieren en gevuld met voldoende aarde om te vermijden dat onaangename geuren zouden kunnen ontsnappen. Er wordt de voorkeur aan gegeven dat het lichaam op zijn rechterzijde wordt gelegd, gericht naar Mekka, in een nis (lahd) die wordt uitgehakt in de grafwand. Het hoofd rust op een steun en de lijkwade wordt losser gemaakt. De persoon die het lichaam in zijn finale positie plaatst, moet de Shahâda uitspreken in het oor van de afgestorvene. Vervolgens wordt het graf gevuld, waarbij ieder aanwezige wat aarde erin werpt. Iemand spreekt een slotzegening uit, die een samenvatting geeft van de basisgeloofspunten van de islam. Shîciten sommen ook de twaalf heilige imams op.

Het graf mag gemarkeerd worden met een eenvoudige steen aan het hoofd, maar alles wat verder dan dat gaat, moet vermeden worden. Luid geweeklaag, in het bijzonder door betaalde rouwklagers, is verboden; men gaat ervan uit dat dit het lijden vergroot van de afgestorvene in het graf, bij de ondervraging. Bezoek aan het graf en het brengen van gebeden voor de afgestorvene zijn verdienstelijke handelingen; de rouw evenwel moet beperkt blijven tot drie dagen (vier maanden en tien dagen voor een weduwe), volgens de fiqh. In vele moslimlanden, nochtans (bv. in Maleisië), wordt de rouw ook inachtgenomen op de derde, zevende, veertiende, veertigste en honderdste dag na de dood. Reciteren van de Koran maakt de hoofdbrok uit van zulke gebruiken.

Naast deze basiskern van islamitsche begrafenispraktijken, zoals hier samengevat, bestaan er ook vele regionale en volkse praktijken. (...)

Moslims vandaag zijn er altijd diep om bekommerd hun leven te voeren in gehoorzaamheid aan God, in de wetenschap dat het huidige leven slechts een faze is op de weg naar het hiernamaals. Ook in westerse landen spannen moslims zich in om te verzekeren dat hun begrafenisplichten en -gebruiken op de gepaste wijze worden in acht genomen. Men vind mortuaria in moskeeën; zij zijn, bv. in Amerika, de belangrijkste plaatsen geworden voor de uitvaartplechtigheid - een duidelijke trendbreuk met de traditionele praktijk. Moslimgemeenschappen in het Westen verwerven ook percelen voor begraafplaatsen - een krachtig bewijs voor de succesvolle inplanting van de umma in een nieuwe omgeving.

• ARCHIEF-INDEX • CIE-INDEX •

Webmaster Update:  13 februari 2007