|
Sedert het academiejaar 2000-2001
werd aan de Universiteit Gent, Faculteit Letteren en Wijsbegeerte, binnen
de opleiding "Moraalwetenschappen" een
nieuw opleidingsonderdeel ingericht:
"Islam in de Europese Lekenstaat".
Het vak staat als
optievak op het programma van de 1e licentie Moraalwetenschappen, optie
Morele Begeleiding, en behelst 30u (3 studiepunten). Het kan door studenten
van andere opleidingen, ook in andere faculteiten, gevolgd worden als keuzevak.
Titularis (ook voor 2005-2006): Prof.Em.Dr.Herman De Ley (vakgroep Wijsbegeerte
& Moraalwetenschap). Voorkennis is niet
vereist. NB
Aangezien de optie "Morele Begeleiding" niet behouden bleef in de "ba ma"
hervorming, "dooft" ook dit vak helaas "uit", samen met
de overgang van het "oude" programma naar het "bachelor" en "master"
programma Moraalwetenschappen. Anders gezegd: het opleidingsonderdeel zal in het
academiejaar 2005-2006 (1e semester) voor de laatste maal gedoceerd worden. Doelstelling:
Het vak wil toekomstige
consulenten, pedagogen, leerkrachten, enz. elementaire kennis en inzichten helpen verwerven inzake islam en vormen van institutionalisering ervan binnen de West-Europese lekenstaat (de Belgische/Vlaamse
in het bijzonder). Zulke kennis en vertrouwdheid zijn onmisbaar om ten
aanzien van cliënten, leerlingen, enz. van moslimgeloof of -origine de begeleiding zo doelmatig en succesvol mogelijk te maken. Algemeen, wil
het vak dergelijke inzichten en de ermee gepaard gaande dialoogbekwaamheid
bijbrengen aan àlle studenten die in hun later beroep (niet in de
laatste plaats: in het onderwijs) met moslimmedeburgers en/of hun kinderen
in contact komen.
Inhoud:
In vele Europese kernlanden
vandaag is islam de tweede belangrijkste godsdienst. De Europese moslimgemeenschappen
echter
behoren sociaal tot de zwakste sectoren van de arbeidende bevolking,
en dus van de samenleving in haar geheel. Irrationele islamofobie - na 11/9/2001
meer dan ooit algemeen
verspreid, zowel in de publieke opinie als in de instellingen en de media
- en het eraan gekoppelde racisme (anti-moslimisme) leveren de ideologische
legitimatie voor de discriminaties, in alle maatschappelijke sectoren,
waarvan onze (overwegend "allochtone") moslimmedeburgers het slachtoffer
blijven - alle retoriek vanwege politieke beleidsmakers ten spijt. De cursus verstrekt:
(1) een beknopte historische
en sociologische inleiding in de wijze waarop de islam als wereldreligie
in zijn maatschappelijke manifestatie altijd geconstrueerd werd en wordt
in een directe en soepele interactie met de concrete maatschappelijke context.
Vandaag de dag, in Europa, is die context die van de zgn. "lekenstaat",
met zijn grondwettelijke principes van godsdienstvrijheid en "scheiding
tussen kerk en staat" (in de praktijk weliswaar in heel betrekkelijke en
gediversifieerde mate
gerealiseerd in de verschillende Europese landen). Vanuit de hoek van
hedendaagse, zowel traditionele als moderne, moslimintellectuelen
(theologen, filosofen, juristen, e.a.) is er een toenemende aandacht voor de positie van moslimgemeenschappen
die als minderheid leven in een seculiere rechtsstaat.
(2) Daarbij aansluitend wordt
een schets gegeven van het moeizame institutionaliseringsproces van deze
"Europese islam" binnen de westerse samenleving, meer in het bijzonder
in België. De "islampolitiek" van de nationale zowel als de Vlaamse overheid
wordt mede geleid door islamofobe stereotypes en ideologische (vaak ook:
electorale) bekommernissen. Genaturaliseerd
of niet, worden moslimburgers in groep als een buitenlandse bedreiging
gezien en, nogmaals in groep, aansprakelijk gesteld voor terreurdaden
gepleegd door een geradicaliseerde kleine minderheid. Securitaire bekommernissen
en de politiek-ideologische betrachting
om de moslimgemeenschappen vanuit het staatsapparaat te controleren leiden tot een beleid
dat gebaseerd is op de dubbelzinnige notie van "integratie" ("inburgering", enz.),
in plaats van op een consequente toepassing van de grondwettelijke
en internationale mensenrechtenprincipes (het beleid meent daarentegen
allerlei voorafgaande voorwaarden te mogen of moeten stellen aan het
implementeren van deze grondrechten). Het achterwege-blijven
van dergelijke consequente toepassing - in de eerste plaats op het lokale
vlak, waar zich de problemen meestal stellen (bv. inzake begraafplaatsen,
onderwijs, moskeebeleid, enz.) -, in combinatie met andere vormen van
discriminatie (in het onderwijs, op de arbeidsmarkt...), levert de voedingsbodem voor,
enerzijds, het "dagelijkse
racisme" en het als maar groeiend electoraal succes van racistisch extreem-rechts,
bij de zgn. autochtone meerderheid, en, anderzijds, voor onvermijdelijke vormen van etnisch-culturele terugplooiing en
radicalisering bij de jongere generaties van zgn. allochtonen. Een mensenrechtenopstelling vereist daarentegen dat moslims
en moslima's
ook als moslim-burger volwaardig, en dat wil zeggen: met
respect voor hun moslimidentiteit, moeten kunnen deelnemen aan de vormgeving
van de Europese samenleving. Een belangrijke voorwaarde daartoe is dat
Europa's islam, in zijn grote diversiteit, "gekend, erkend en gezien"
zou worden (bv. op het vlak van moskeeën en hun architectuur; de adhân
of publieke oproep tot het gebed; begrafenispercelen op de stedelijke
begraafplaatsen; het recht op de hoofddoek,
ook in overheidsdiensten; radio- en TV-uitzendingen, enz., enz.).
Praktische info voor
het academiejaar 2005-06:
www.flwi.UGent.be/cie/RUG/leken_05-06.htm
Informatie over het beschikbare syllabusmateriaal (met
de nodige hyperlinks):
www.flwi.UGent.be/cie/RUG/lekenstaat_05-06_syl.htm |