 |
|
"Een 'blakende onwetendheid'" -
"Barnard & Van Istendael en hun gebrek aan feitenkennis"
Herman De Ley* & Lucas Catherine
(2008)*
|
|
[Beide replieken worden gevolgd door:
(1) weergave van het DS opiniestuk van B.Barnard en G.v.Istendael;
(2) weergave van de DS column van Mia Doornaert]
“Hoe kleiner de kennis, hoe vlotter de pen” – de juistheid van
dit gezegde hebben we dit weekend nogmaals mogen ervaren met het
opiniestuk (DS, 2 feb 08), “Bericht aan weldenkend links - Waarom
wij het hoofddoekenverbod verdedigen”, van de hand van Benno
Barnard en Geert van Istendael, “schrijvers” .*
1. Dat woordkunstenaars zich door taal laten meeslepen ten koste van
realiteit of logica, het mag ons niet verbazen. Dit opiniestuk,
echter, is méér dan een onschuldig voorbeeld van schrijversretoriek.
Het middeleeuwse, manicheïstische en demoniserende denkpatroon t.a.v.
islam en moslims krijgt hier een tweedehands, literair kleedje
aangetrokken. De boodschap blijft steeds dezelfde, en klinkt dezer
dagen unisono met de anti-islamcampagnes van extreemrechts, hier en
elders in Europa (ook al noemen de auteurs zich “verklaarde
vijanden van het Vlaams Belang”): “Europa” moet gered
worden van een religie die voor het tegendeel staat van “al onze
dierbare civiele vrijheden”. Elke vorm van dialoog en gesprek is
uitgesloten: “Een islamiet”, zo schrijven deze verlichte
geesten zonder verpinken, “(denkt) anders, maar dan ook totaal
anders… dan een welwillende, linkse, antikatholieke Vlaamse
intellectueel” (m.o.). “Linkse intellectueel”, inderdaad,
want onze publicisten vallen ook in de valkuil van dat andere,
populistische stereotype: demonisering van “de islam” gekoppeld
aan een uitval tegen al die “linkse intellectuelen” die voor
tolerantie en gelijkberechtiging pleiten. Een Mia Doornaert heeft het
hen al menig maal voorgedaan - o.m. met haar verkettering van de zgn.
"islamo-gauchisten"[1]. Linkse
intellectuelen (o.m. “oude marxisten”), aldus BB en GvI,
“weten niets af van de islam”. Erger nog: zij “verkiezen
een blakende onwetendheid” t.a.v. de “versteende godsdienst die
islam heet" (m.o.).
Het opiniestuk van onze “schrijvers” is niet onschuldig: het is
wel degelijk een oproep voor intolerantie en xenofobie. In het
hoofddoekendebat, zo luidt het, mag niet zo maar uitgegaan worden van
Grondwet, democratische rechtsstaat of al die andere
“principes” die “(geboren zijn) uit het bloed van de
Europese geschiedenis”. Neen, de discussie moet teruggaan naar
“het wezen van de islam”.
Nog vóór wij ons kunnen afvragen wat dat
“wezen” van een religie als de islam dan wel zou kùnnen zijn
(zodanig dat islam essentieel zou kunnen vergeleken worden met
judaïsme en christendom), krijgen we van Barnard en Van Istendael al
onmiddellijk het ‘onthullende’ antwoord, dank zij een expertise die
"weldenkend links" dus schromelijk ontbeert. Helaas, druist die
'expertise' in tegen de wetenschappelijke verworvenheden van de
hedendaagse godsdienstsociologie en haar afwijzing van elke vorm van
essentialisme. Een godsdienst, i.c., hééft géén "wezen" of
essentie (enkel in een platonisch wereldbeeld bestaan er zoiets als
"essenties"): zoals élk maatschappelijk fenomeen, is zij een
cultureel, historisch-maatschappelijk construct - en als zodanig per
definitie onderhevig aan verandering. De eeuwigheid of goddelijkheid
van de brontekst doet daar niéts aan af.[2]
2. Vanuit sociologisch en historisch oogpunt, inderdaad, staan deze
poëten, zoals de keizer, in hun blootje onder hun volzinnen. Niet
gehinderd door enige wetenschappelijke terughoudendheid, peroreren ze
over “het allerfundamenteelste verschil… in de theologische kern”
van, enerzijds, judaïsme en christendom, en, anderzijds, de islam.
Dat betreft dan het onderworpen-zijn van de Bijbelse God “aan de
gerechtigheid”. Ze alluderen daarbij ook op “allerlei vaak
grappige passages in de Bijbel en de Talmoed”: het offerverhaal
van Abraham, het boek Job: "rechtvaardig", “grappig?”...
Inzake de islam daartegenover, wàt met de
Muctazila?
Deze voor de islam 'founding' theologische school plaatste de rechtvaardigheid van God juist centraal
(niet voor niets noemden zij zichzelf “de mensen van de
Rechtvaardigheid sc. van God”)? Die rechtvaardigheid vereist
menselijke keuzevrijheid, gebaseerd op de kennis van “goed” en
“kwaad” – principes waaraan ook God zich dus te houden heeft
(vergelijk dat met de kwalijke predestinatieleer van Augustinus, nog
altijd één van de grote autoriteiten van de hedendaagse Kerk). Dank
zij de Muctazila, die tot bloei en erkenning kwam onder de
grote Abbasidische kaliefen, werd de koranieke verkondiging uitgewerkt
tot een rationele, theologische wereld- en mensvisie en verwierf islam
de intellectuele dimensie nodig voor een wereldgodsdienst. De school
werd later gemarginaliseerd (ze kende haar "Thomas van Aquino", begin
11de eeuw), maar ze heeft ook het sji’isme diepgaand
beïnvloed. Vandaag kent ze een revival en inspireert zij, onder de
vorm van een neo-muctazilisme, tal van vernieuwingsdenkers
binnen de moslimwereld. Overigens, in de mate dat er mag gesproken
worden van een islamitische maatschappijproject, staat
rechtvaardigheid daarin bovenaan als hoogste waarde, (zie
op deze
site, Linda Bogaert, K.N. nr. 13). De "sharî'a"
dankt juist haar aantrekkingskracht als ideaal vandaag aan fungeren "als goddelijke blauwdruk voor een
rechtvaardige maatschappij, in sociaal, politiek en economisch
opzicht" (zo Maurits Berger, 2006:5, zie
op
deze site).
Nog altijd inzake de geschiedenis, zou bv. verder ook kunnen gewezen
worden op het instituut van de
“dhimma”,
dat in voege was tot aan het kolonialisme: de islam is de énige monotheïstische religie die het bestaansrecht van àndere religieuze
gemeenschappen of naties
theologisch
erkend heeft (gaande van judaïsme en christendom tot het
hindoeïsme). Het feit dat dit kaderde binnen een religieuze, en dus
per definitie hiërarchische, wereldvisie en dat er geen sprake was van
gelijkberechtiging doet niets af aan de grote betekenis ervan, op het
gebied van coëxistentie en inclusiviteit. Uit deze en andere voorbeelden blijkt voldoende dat het
onzin is om - zoals gelovige zowel als ongelovige 'fundamentalisten'
dat doen - de islam tot een monolithische, onveranderlijke en gesloten
essentie te herleiden, die geen rekening zou (kunnen) houden met
wisselende maatschappelijke contexten.
3. Tot de kromme redeneringen waaraan beide heren zich bezondigen,
behoort ook de beproefde tactiek van de “twee maten" – ze moge
dan al tot op de draad versleten zijn, die tactiek doet het nog altijd
heel goed, in de media, de publieke opinie en het beleid:
(a) Inzake de islam worden àlle gelovigen over één kam geschoren: die
van een
“sedert duizend jaar versteende” godsdienst; religieuze
“lauwheid” is dan nog het béste (minst slechte) dat wij,
Europeanen, mogen verhopen [Onduidelijk is dan wel hoe dergelijke
‘lauwheid’ – die volgens statistisch onderzoek geldt voor de overgrote
meerderheid van medeburgers die zichzelf als “moslim”
identificeren - te rijmen valt met die die duizend jaar oude
“verstening” die zich “met hand en tand verzet tegen iedere
vrije interpretatie van de geopenbaarde teksten”.]
(b) T.a.v. jodendom en christendom wordt de situatie ànders
geformuleerd: wat bij moslims “lauwheid” wordt genoemd, heet
hier erkenning van “een soort evenwicht… tussen de res publica en
de religio”. En wat de bloedige geschiedenis betreft van Europa
sedert
“tweeduizend jaar”, worden wij ‘gerust gesteld’ met de
overweging “dat iedere moderne christen of jood van enig
intellectueel niveau zich doodschaamt voor het bloed dat aan zijn
erfenis kleeft”. Een ‘mooi’ drogargument van onze schrijvers (een
christen of jood die zich niét zou “doodschamen”, heeft dan
jammer genoeg géén
“intellectueel niveau”).
In dergelijke tweedeling is er voor kritische, moderne moslims “van
enig intellectueel niveau” geen plaats. De Mohamed Arkouns, Nasr
Aboe Zayds, Hasan Hanafî’s, Abdullahi Ahmed An-Naims, Riffat Hassans,
Mohamed Talbi’s, Fuad Zakariya’s, Ali Abd al-Raziqs (gestorven in
1966), Shaykh Mahmud Shaltuts (gest. 1963), Muhammad Said al-Ashmawy’s,
Rana Kabbani’s, Fatima Mernissi’s, Amina Waduds, Shabbir Akhtars,
Tariq Ramadans, Abdelwahab Meddebs’, Mohammed Abed al-Jabri’s, Fouad
Laroui’s (sprak in dec 07 de Socrateslezing uit, in Amsterdam),
Youssef Ben Abdeljellils, Omar Nahas’, enz., enz.; maar ook de
ontelbare ‘gewone’ moslims en moslima's (al of niet gehoofddoekt) die
zich bv. als bestuurslid van socio-culturele en andere verenigingen
dagelijks inzetten voor ontwikkeling en emancipatie binnen onze
pluralistische samenleving: zij mogen het allemaal 'vergeten'. Zij
zijn niet van tel, want zitten per definitie vast aan een
“versteende religie”. Maar dat is niet alles, wat “de moderne
islam"
betreft: de "sedert duizend jaar versteende islam" werd, o
paradox!, in de 20ste eeuw "diepgaand geconditioneerd door het
nazisme (en fascisme)”. Via al-Qa'ida en 9/11 is de conclusie dan
snel getrokken: àlle moslims, vandaag, zijn op z'n minst 'verkapte'
terroristen - met het (door "linkse intellectuelen
verdedigde") "islamitisch recht op... vrouwenonderdrukking"
nog als "de mildste vorm van terrorisme". Met de impliciete
conclusie dat "hoe meer ze willen leven als moslim, hoe
gevaarlijker ze worden" (Prof.Urbain Vermeulen, reeds in Dag
Allemaal, 14/2/1995, p. 44). Méér dan ooit viert t.a.v. moslims
een klimaat hoogtij van verdachtmaking en afbraak van hun cultureel
kapitaal - wel degelijk goed vergelijkbaar met de mechanismen die gehanteerd werden
in de jaren
'30, wat de joden betreft (pace Mia Doornaert, voor wie joden
blijkbaar een apart "ras" vormen, eigenlijk net zoals... de
nazi's het zagen). Zie onze tekst, "Racisme als anti-moslimisme",
op deze site;
met verwijzing naar Marc Swyngedouw, Marc, La construction du "péril
immigré" en Flandre 1930-1980 (1998).
4. Wat die "invloed van het nazisme" betreft: het is een
bekend feit dat bv. de groot-mufti van Jerusalem, Haj Amin al-Husseini,
een fervent antisemiet was en de steun van de nazi’s zocht in de
strijd tegen het in Palestina oprukkende zionisme (hij ontmoette
Hitler in Berlijn, eind 1941; leefde er tijdens de oorlog als goede
vriend van Hitler; richtte zelf een SS Moslim Divisie op die in Bosnië
joden en partizanen uitmoordde, enz.). Volledigheidshalve
(eerlijkheidshalve), echter, moet aan dat plaatje toegevoegd worden
dat ook zionistische terreurorganisaties toen zulke contacten
onderhielden: in Palestina (o.m. Adolf Eichmann reisde in 1937 naar
Palestina) én in Berlijn*. En
misschien mag hier herinnerd worden aan de bijzondere ‘methodes’ die
dergelijke terreurgroepen en milities hanteerden (bv. de militie
geleid door Yitzhak Rabin; de Eenheid 101, geleid door Ariel Sharon,
in de jaren ’50…) ten einde Palestina “Arabiervrij” te
maken?... Een vergelijkende conclusie dienaangaande tussen islamisme
en zionisme zou daarom misschien wel nuttig zijn?
Wat nochtans het meeste stoort in deze, is het grote gemak waarmee
beide heren omspringen met de (bloedigheid van de) Europese
geschiedenis. “Kruistochten!” “Inquisitie!”: deze en andere
misdaden in de naam van Christus worden herleid tot kreten van
“iemand ter linkerzijde”. Zij vallen “zeer te betreuren”,
en wij (“iedere moderne christen of jood van enig intellectueel
niveau”), wij “schamen ons dood”. Punt aan de lijn.
Waarover in deze context met geen woord gerept wordt, is de Europese
judeocide:
de voor iedere normale mens (“intellectueel niveau”
is daar écht niet voor nodig!) onvoorstelbaar gruwelijke,
systematische uitmoording van zes miljoen Europeanen – kinderen,
vrouwen, mannen en ouderlingen – in de nazi-vernietigingskampen,
omwille van hun joods-zijn. Die ongeziene misdaad tegen de mensheid
kwam er nà de alom door ons Europeanen bezongen “Verlichting”
en nà de creatie van de "lekenstaat". En neen, zij was niét de
zaak van geschifte Duitsers alleen: héél Europa was in de jaren
’30 doordrongen van het antisemitisme (zoals nu van het antimoslimisme)
én was minder of meer actief bij betrokken bij de “Endlösung”. Overàl vond zij
haar trawanten: in Oostenrijk, in Frankrijk, in Nederland, in Polen,
in Litauen, in Hongarije, in Italië, in het Vaticaan,… en natuurlijk
ook in België, in Antwerpen, enz….
Niét “de islam” heeft haar op zijn geweten, wél het
‘christelijke Europa’. Om even te verwijzen naar de uitlatingen van
een àndere, collega-publicist van onze schrijvers, Jan Leyers, in een
interview in De Morgen: zijns inziens was het nazisme
“volkomen tegenstrijdig met het christendom”, terwijl hij net
tevoren iederéén (“zelfs een Karel De Gucht”) als een
christelijk product had bestempeld. Kwamen Hitler en zijn duizenden
trawanten dan misschien van… Mars? Neen, natuurlijk. Of was de
nazi-judeocide – voor Joden de Shoa, gemeenzaam ook de
Holocaust genoemd – iets totaal uniek en uitzonderlijk? Neen,
nogmaals natuurlijk. Zij was wel het vreselijke eindpunt van tweeduizend
jaar Europese geschiedenis van pogroms en jodenvervolgingen (terwijl
de moslimwereld telkens opnieuw een veilige haven had geboden voor in
Europa vervolgde Joden). Maar tegelijkertijd was de judeocide ook een
triest nieuw begin voor andere genocides, het zij dan niet met die
onmenselijke systematiek en op die gigantische schaal. Wie zich in dat
verband fundamentele vragen stelt inzake het Europese erfgoed –
“met (haar) traditie van dialectiek en zelfstandige
tekstinterpretatie” (sic) -, doet dat niét vanuit “een diep
begraven koloniaal schuldgevoel”, zoals de heren eventjes
psychologiseren. Misschien zou “Europa”
zich inderdaad moeten “opheffen uit respect voor haar eigen
principes”, die ze maar al te zelden in de praktijk heeft
nageleefd? De vraag mag of moet tenminste gesteld worden.
Onze “schrijvers” bezondigen zich ook hier aan méér dan
retoriek: door de aandacht te verplaatsen naar het secundaire fenomeen
van een aantal islamistische bewegingen in het Midden-Oosten en
tegelijkertijd al dan niet zedig te zwijgen over ónze judeocide, wordt het
perspectief volledig verdraaid: de schuldenlast wordt a.h.w. verlegd
naar de moslims – als ging het om een zoveelste “logische
consequentie van de versteende godsdienst die islam heet”.
Het is beschamend. De heren waren beter aan hun cafétoog blijven
hangen.
Herman De Ley,
Vosselare, 4 februari 2008.
NOTEN:
* Een samengevatte versie van de repliek van H.De Ley is gepubliceerd
op de opiniebladzijde van De Standaard, 6 februari 08.
[1] Ondertussen heeft Barones Doornaert
zichzelf weer overtroffen, in haar 2-wekelijkse column, "Doorgeprikt staat
netjes", dit keer onder de titel: "Lokroep van het obscurantisme",
in De Standaard van vrijdag, 8 februari 2008, blz. 23. In deze reactie
op (een ingekorte versie, DS, 6/2/08, van) bovenstaande repliek, opent
zij "alle registers" van haar retoriek. Zij schrikt zelfs niet
terug voor onwaarheid , en dus laster: "Pas na een waarschuwing van
het Centrum voor Gelijkheid van Kansen",
aldus La Doornaert, "haalde (Herman De Ley) als webmaster van het
Centrum voor Islam een link naar een negationistische en
antisemitische site weg". Ik heb de redactie onmiddellijk gevraagd
de volgende rechtzetting te plaatsen (in DS van 9-10 feb 08): "Em.Prof.Dr.Herman
De Ley verklaart formeel dat hij nóóit een waarschuwing van het CGKR
heeft ontvangen omtrent een betwistbare link op de website van het
CIE. Noch door die instelling noch door gelijk welke andere instantie
noch door gelijk welke private persoon is hij ter zake op enigerlei
wijze (brief, telefonisch, email...) zelfs maar gecontacteerd. Hij
heeft volledig uit eigen beweging reeds maanden geleden verkozen, na
vaststelling van het dubbelzinnige opzet van de site, de betreffende
link te verwijderen. Overigens benadert het aantal links, op de
CIE-site links pagina, het 1000-tal en bevat de pagina ook een
uitdrukkelijke disclaimer."
Deze poging tot laster en eerroof volgde, "toevallig", op een
gelijkaardig incident op Radio 1, 7 februari 08, 's avonds. Benno
Barnard kon daar ongehinderd zijn gal en frustratie spuwen, en reeds
hij bezondigde zich daarbij aan de lasterlijke uitval, dat er "een
klacht loopt tegen Herman de Ley, vanwege het CGKR, vanwege zijn
site"’. Benno Barnard en Barones Doornaert: "twee handen op wiens
buik?"
[2] In zijn goede repliek, "De
lokroep van het essentialisme", De Standaard, 11 feb 08, merkt
Henk de Smaele o.m. op: "Wat De Pauw, na Van Istendael en Barnard,
dus uiteindelijk beweert, is dat alleen een studie van de letter van
de tekst van de Koran klaarheid kan brengen over wat de islam is. De
islam heeft dus kennelijk een soort transhistorische essentie die door
volgehouden Koranstudie (zonder te veel aandacht voor verhullende ‘contextualiteiten’)
te detecteren valt. Dat is alvast een punt waarover de
fundamentalisten en De Pauw (en diens gelijkgezinden) het eens kunnen
zijn".
[update 21/2/08]
|
Barnard en Van Istendael en hun gebrek aan feitenkennis
door Lucas Catherine
*[een ingekorte versie verscheen in: DIOGENE(S), Nr. 106, 16 feb 2008]
"'Islamofascisme' is geen loze term van extreem-rechts of afvallig links. De
moderne islam is diepgaand door het nazisme geconditioneerd, onder meer via de
Egyptische Broederschap. Die beweging heeft zich in de jaren dertig rechtstreeks
door Mein Kampf laten beïnvloeden en is zelf weer de inspirator geworden
van Al Qaeda, Hamas en aanverwante gezelligheidsverenigingen."
Benno Barnard & Geert Van Istendael, De Standaard 3-2-08.
"…dat de contacten die bestonden tussen de zionisten en het Derde Rijk erop
gericht waren zoveel mogelijk Joden te redden, terwijl die gezellige
moslimfascisten er natuurlijk zoveel mogelijk over de kling wilden jagen.
Benno Barnard aan Herman De Ley (mail van 7-2-08)
Ze beginnen mooi in hun citaat: De moderne islam is door het nazisme
geconditioneerd en de moderne islam dat is dus de Moslim Broederschap. Erg
doorwrocht en historisch gestoeld!
Nu liepen er in het Midden-Oosten in de jaren 1930 wel nazi-sympatisanten rond,
net als bij ons. Maar geschiedenis is wat anders.
De Moslimbroederschap, gesticht in 1928, is een politieke beweging en heeft
zoveel met de "moderne islam" te maken als kardinaal Danneels met het
gedachtegoed van Alexandra Colen.
De stichter, Hassan al Banah vertelt in zijn Mémoires (eind jaren 1930) welke
Europese denkers indruk op hem maakten: Spengler, Spencer en Toynbee, voor de
rest een rits ouwe moslimtheologen. Geen Adolf Hitler of
Mein Kampf. Wel vindt hij het nodig om zich te verdedigen tegen de
bewering van zijn tegenstanders, dat zijn organisatie zich vanaf 1927 door de
Britten liet financieren, namelijk via de Suez Canal Company, en dat zij hun
eerste moskee en vergaderplek mochten oprichten op terreinen van die
maatschappij. Hij pleit schuld, met als excuus dat het kanaal eigenlijk van de
Egyptenaren was en dat het geld dus 'Egyptisch' was. Wat de Arabische
nationalisten in de jaren 1930 tot begin 1950 de Moslim Broeders verwijten, is
dat ze de Egyptische Koning Faruk steunen en géén afstand nemen van zijn
pro-Britse politiek. [1] De politieke houding die de Moslim Broeders
aannamen kan je het best vergelijken met de politiek die Ben Gurion, de
zionistenleider in het toenmalige Palestina voerde en die hij zo formuleerde:
"Met de Britten als het kan, tegen de Britten als het moet."
Nu waren er wel conservatieve Arabieren die sympatiseerden met de nazi's onder
het motto: de vijanden van mijn vijand (de Britse kolonisator) zijn mijn
vrienden. Dat was ondermeer de fameuze Groot-Mufti van Jeruzalem, al Husseini.
Hij was een telg van één van de grootste families van notabelen in Jeruzalem,
naast de Dajjani, Nashishibi en Khalidi. In 1921 stelt hij zich kandidaat voor
Groot-Mufti van Jeruzalem, een graad die de Britten uitvinden. De islam kent wel
mufti's (een hogere graad van wetgeleerde), maar geen Groot-Mufti's. De
verkiezing gebeurde door een raad van religieuze functionarissen. Amin al
Husseini haalt niet de meeste voorkeurstemmen, toch benoemd de Britse Hoge
Commissaris hem tot Groot-Mufti. Eigenlijk wordt hij dus door de Britten
aangesteld. Hij wordt tevens voorzitter van de Opperste Moslimraad. In 1931
roept hij een Pan-Islamitische Conferentie samen in Jeruzalem die alle moslims
oproept om Jeruzalem als derde heilige plaats binnen de islam te verdedigen
tegen de zionistische kolonisatie. Veel concreets levert dit niet op.
Wanneer in 1936 de grote Palestijnse revolte (die tot 1939 zal duren) uitbreekt,
tegen het Brits bestuur en de zionistische kolonisatie wordt hij langs al zijn
flanken voorbijgestoken door meer radicale, nationalistische en populistische
groepen. De Britse repressie tegen de Palestijnen is enorm. De Britten gebruiken
collectieve straffen. Elk dorp dat maar iets met de guerilla te maken heeft
wordt duchtig afgestraft. In juli 1939 is de revolutie dood gebloed. Ze heeft de
Palestijnen enorm veel slachtoffers gekost, de hevigste nationalisten en de
beste politieke krachten zijn gesneuveld. Amin al Hussein vlucht naar Baghdad.
Later trekt hij naar Nazi-Duitsland en hoopt dat de vijand van zijn vijand zijn
vriend kan worden. De nazi's gebruiken hem om in Bosnië moslimvrijwilligers te
recruteren. Wanneer bij ons in 1941 rechtse dorpspastoors jongeren ronselen voor
het Oost-Front trekt Amin al Hussein naar de Balkan en recruteert er voor
de Freiwilligen-Bosnien-Herzegovina Gebirgs Division van de SS. Als
nuttige idioot kan hij kanonnenvoer ronselen voor de oorlog in Europa.
Maar al Husseini stond niet alleen in het Midden-Oosten, er waren er nog die
met de nazi's wilden samenwerken: de zionistische beweging van joodse kolonisten
in Palestina.
Wanneer in Duitsland de nazi's aan de macht komen stelt er zich een probleem
voor de Duitse joden. De nazi's willen de "Jüden raus". Zij steunen een
Umsiedlung naar om het even waar. Op een bepaald ogenblik zelfs naar
Madagaskar, maar Palestina kwam hen goed uit. De Labour-zionisten sluiten in
1933 met de nazi's een samenwerkingsakkoord af dat een transfert van mensen en
kapitaal bepaalt. Transfert zeg je in het hebreeuws Ha'avara en men noemt
die akkoorden dan ook de Ha'avara-akkoorden. De zionisten zagen hier geen graten
in. Zoals Hannah Arendt schrijft in haar boek "Eichman in Jeruzalem":
"In de beginjaren van het nazisme interpreteerden de zionisten het aan de
macht komen van Hitler vooral als een 'beslissende nederlaag van het
assimilationisme'. Ook de zionisten geloofden dat 'dissimilatie', gepaard met
emigratie naar Palestina een 'wederzijds aanvaardbare oplossing' kon zijn. Zij
dachten dan vooral aan jongeren, en hopelijk ook kapitalisten.. In die eerste
jaren van het nazisme kwam het tot een wederzijds akkoord waar beide partijen
tevreden over waren, het Ha'avara of Transfertakkoord, dat het voor een emigrant
mogelijk maakte zijn kapitaal naar Palestina over te hevelen. Het resultaat was
dat in de jaren dertig, toen de Amerikaanse joden probeerden een boycot te
organiseren van Duitse goederen, Palestina als enige uitzondering, overspoeld
werd met producten made in Germany."
[2]
Het Joods Agentschap, dat was het zionistische bestuur in Palestina, richtte
zelfs een speciale commissie op die zich met de problemen van de Duitse joden
moest bezighouden. Ben Goerion beschreef de commissie zo: " Het is niet de
taak van de commissie om te ijveren voor de rechten van de joden in Duitsland.
De commissie moet zich enkel interesseren voor het probleem van de Duitse joden
in zoverre ze naar Palestina kunnen emigreren."
[3] Net na Kristalnacht verklaarde
dezelfde toekomstige premier van Israël:
"Als men mij voor de keuze plaatst en zegt dat ik alle kinderen in Duitsland
kan redden door ze naar Engeland te laten vertrekken, of dat ik maar de helft
kan redden door ze naar Eretz Israël te laten komen, dan kies ik voor de tweede
mogelijkheid."
[4]
B.Barnard en Van Istendael noemen dit "zoveel mogelijk Joden redden".
Als gevolg van de Ha'avara-akkoorden kregen tussen 1933 en 1939 16.000
kapitaalkrachtige Duitse joden de toestemming om naar Palestina te emigreren en
om 31.570.000 toenmalige ponden (nu miljarden euro) te transfereren. [5] Per immigrant mocht duizend pond
cash worden meegenomen, de rest werd gestort in een fonds waarmee men Duitse
industriegoederen in Palestina importeerde. Dankzij dit akkoord vormen de Duitse
joden nu nog in Israël de supertopklasse. Met dit kapitaal, tien maal groter dan
wat de zionisten normaal konden investeren, startten zij de industrie op en
bouwden zich riante villawijken in Haifa, Natanya en Nahariya.
De toenmalige leider van de Zionistische Wereldorganisatie, Haim Weizman, later
president van Israël formuleerde het nog cynischer dan Ben Goerion: "Zionisme
is het eeuwig leven, en in vergelijking daarmee is het redden van enkele
duizenden joden slechts een uitstel van executie die niets oplost." [6]
Een ander punt van samenwerking was de oprichting van Umschulungslager,
trainingskampen voor emigranten naar Palestina. In 1936 beheerden de zionisten
er zo'n veertig in Nazi-Duitsland. [7]
Vooral de SS steunde de emigratie naar Palestina. Pas nadat Polen en andere
Oost-Europese landen onder de voet waren gelopen veranderde die houding. Toen
ging het niet langer meer om een half miljoen Duitse joden, maar om miljoenen
joden en daarvoor zocht men een meer radicale "Endlösung". Toch geven
sommige zionisten niet op. De rechtervleugel van de revisionisten, die later
zullen opgaan in het huidige Likud/Kadimapartij en die dan geleid worden door de
later premiers Menahem Begin en Yitzhak Shamir blijven contact zoeken. Begin
1941 doen zij de Nazi's een "Vorschlag" voor de actieve deelname van hun
partij aan de oorlog, aan de zijde van de Nazi's, waarbij zij ondermeer een
samenwerking voorstellen tussen het
"Deutsche Volk und das Volkisch-Nationale Hebräertum" in het
Midden-Oosten. [8]
Barnard & Van Istendael zijn niet alleen volslagen onwetend over de islam, ze
moeten ook dringend, in plaats van te googlen op pro-zionistische sites, wat
academische literatuur doornemen als ze het over nazi's en hun politiek in het
Midden-Oosten willen hebben.
NOTEN:
[1] Cfr.o.a. O.Carré & G.Michaud, Les Frères Musulmans, Gallimard 1983, pp.15-18.
[2] H. Arendt,
Eichman in Jerusalem, Penguin, p.59-61.
[3] Moshe Machover & Mario Offenberg,
Zionism and its scarecrows, in Khamsin , Londen, 1978 p.39.
[4] Lenni Brenner,
Jews in America today, London, 1986, p.167.
[5] Israel Pocket Library, Immigration & Settlement, Keter books, Jeruzalem, 1973, pp.31-32. Het
boekje werd massaal verspreid door de Israëlische ambassade. Van Istendael had
het kunnen inkijken op de documentatiedienst van de nieuwsdienst van de VRT,
waar het ook arriveerde.
[6] Machover& Offenberg, o.c. p.43.
[7] F. Nicosia,
The Third Reich and the Palestinian Question, London 1985, p.58-60, 217.
[8] David Yisraeli, The Bar Ilan Univ. Ramat Gan, 1974,
pp.315-17.
|
Eerlijkheids- en volledigheidshalve, volgt hieronder de tekst van het
oorspronkelijke opiniestuk van BB en GvI (DS, 2/2/08). Nadien mocht ik het
schotschrift lezen van Mia Doornaert, "Lokroep van het Obscurantisme",
DS, 8/2/08. De paranoia ervan is van zulke aard dat men niet begrijpt dat
een kwaliteitskrant daar plaats voor biedt. Als een document voor het peil
van het hedendaagse debat in Vlaanderen, aanvullend bij het stuk van
BBarnard en GvanIstendael, geven we ook die tekst, hieronder.
Bericht aan weldenkend links
WAAROM WIJ HET HOOFDDOEKENVERBOD VERDEDIGEN
De discussie over het hoofddoekverbod moet ook gaan over het wezen van de
islam, betogen Benno Barnard en Geert van Istendael . 'De moderne islam is
diepgaand door het nazisme geconditioneerd, onder meer via de Egyptische
Broederschap.'
Enkele dagen geleden werd ons per e-mail een petitie tegen het recente
hoofddoekenverbod in Lier toegestuurd. Het had ook Gent of Antwerpen
kunnen zijn; het betrof dezelfde linkse strijd tegen onverdraagzaamheid.
Wij antwoordden het meegestuurde adressenbestand - waartoe schrijvers
behoorden, filosofen en sociologen, de belangrijkste kranten en
televisieredacties, en enkele oude marxisten, onder wie sympathisanten van
de alliantie tussen de PvdA en de AEL - dat wij verklaarde vijanden van
het Vlaams Belang waren en tegelijkertijd publieke voorstanders van het
hoofddoekenverbod. Ook schreven we dat weldenkend links onze islamitische
zusters in de steek liet en dat de meeste linkse intellectuelen niets
schenen af te weten van de islam.
Stel dat we bij wijze van vermetel gedachte-experiment zouden hebben
durven beweren dat het islamitische terrorisme zich tot de Koran verhield
als de terreur van de SS tot Mein Kampf, het verontwaardigde geschreeuw
had niet luider kunnen zijn.
Onze opvatting was antisociaal, kleinburgerlijk, antidemocratisch en
vanzelfsprekend racistisch.
Het is vreemd hoe benauwend de oneindige ruimte van het internet kan
worden.
Dat café werd ons dus te vol - maar buiten bleven we verder praten met de
schrijver Jeroen Olyslaegers, die opwierp dat het neutraliteitsbeginsel
van de overheid in het geding was, 'want juist door het hoofddoekenverbod
heeft de stedelijke overheid van Antwerpen, Gent en nu ook Lier haar eigen
neutraliteit gecompromitteerd', meende hij.
We herhalen hier dat wij grote voorstanders zijn van het Franse model van
de lekenstaat. Met de persoonlijke levenssfeer van ambtenaren hebben we
niets te maken. Na een ontwikkeling van tweehonderd jaar - nee,
tweeduizend jaar - hebben wij Europeanen de publieke sfeer eindelijk van
de persoonlijke afgebakend en een soort evenwicht bereikt tussen de res
publica en de religio. Het zou wel erg onverstandig zijn dat op te geven.
Maar de kwestie is veel ingewikkelder.
Wat wij en vele andere fatsoenlijke en niet geheel irrationele
intellectuelen bedoelen, is dat de discussie ook over het wezen van de
islam moet gaan. Veel linkse vrienden verkiezen een blakende onwetendheid
omtrent die godsdienst. Maar het is absoluut noodzakelijk te begrijpen dat
onze termen - al onze dierbare civiele vrijheden, waar het
neutraliteitsbeginsel een structurerend principe van is - betekenisloos
zijn binnen de theologische ruimte van de Profeet.
De islam verkondigt een volstrekt andere visie op de religieuze en
politieke werkelijkheid dan het jodendom en christendom, de godsdiensten
waarop de Profeet zich gebaseerd heeft en die hij in zijn Koran te vuur en
te zwaard bestrijdt. Het allerfundamenteelste verschil bestaat in de
theologische kern: de god van Abraham en Christus is onderworpen aan de
gerechtigheid. Hij kan zelfs debatten met zijn schepselen verliezen; en
dat gebeurt dan ook in allerlei vaak grappige passages in de Bijbel en de
talmoed.
Op dit punt roept steevast iemand ter linkerzijde: 'Kruistochten!
Inquisitie!'
Het feit dat zijn schepselen God misbruikt hebben voor dergelijke zaken
valt zeer te betreuren. Maar de westerse dialectische traditie heeft
gemaakt dat iedere moderne christen of jood van enig intellectueel niveau
zich doodschaamt voor het bloed dat aan zijn erfenis kleeft.
Allah daarentegen is boven alles verheven, inclusief de gerechtigheid. En
waar de god van Abraham en Christus de mens de vrije wil heeft geschonken,
grijpt Allah permanent in. 'Insjallah!' is geen holle kreet, maar de
uitdrukking van een elementaire overtuiging: alles, letterlijk alles,
gebeurt omdat Allah het wil. Daarmee voert de islam ons via Mekka naar een
interpretatie van de wereld terug die van lang voor het schrift dateert.
Het lijkt ons hoogstnoodzakelijk dat Europa zich grondig informeert over
de islam. Want de houding van veel linkse intellectuelen getuigt van een
onbewust etnocentrisme, wat des te onbegrijpelijker is omdat ze zo luid de
verderfelijkheid van datzelfde etnocentrisme prediken. Blijkbaar zijn ze
volstrekt niet in staat zich voor te stellen dat een islamiet anders, maar
dan ook werkelijk totaal anders denkt dan een welwillende, linkse,
antikatholieke Vlaamse intellectueel. Mogelijk is dat het gevolg van een
diep begraven koloniaal schuldgevoel, maar dat onderwerp voert ons hier te
ver.
Olyslagers intussen verdacht ons van een grondeloos pessimisme. 'Hoe kan
een mens nog redelijk denken wanneer hij voortdurend de doodsklokken over
het Avondland hoort beieren?', vroeg hij zich bedroefd af.
Dat valt geweldig mee - maar intussen is het een treurig idee dat we ook
binnen de Europese termen voortdurend langs elkaar heen praten.
En dan hebben we het moeilijkste van alles nog verzwegen.
'Islamofascisme' is geen loze term van extreem-rechts of afvallig links.
De moderne islam is diepgaand door het nazisme geconditioneerd, onder meer
via de Egyptische Broederschap. Die beweging heeft zich in de jaren dertig
rechtstreeks door Mein Kampf laten beïnvloeden en is zelf weer de
inspirator geworden van Al Qaeda, Hamas en aanverwante
gezelligheidsverenigingen.
Een voorbeeld van de invloed van het nazisme op het islamisme is 11
september 2001. Albert Speer rapporteert in zijn dagboeken hoe Hitler
luidop droomde van zelfmoordvliegtuigen die zich op Manhattan zouden
storten, de hoofdstad van het wereldjodendom. Het is volgens de Duitse
politicoloog Matthias Küntzel, specialist in het islamitische
antisemitisme, maar al te waarschijnlijk dat Al Qaeda het plan voor 11
september gewoon van de Führer heeft overgenomen.
Al Qaeda en de sharia zijn logische consequenties van de versteende
godsdienst die islam heet en die zich al duizend jaar met hand en tand
verzet tegen iedere vrije interpretatie van de geopenbaarde teksten.
Anderzijds zijn de Verlichting en de democratie uit het bloed van de
Europese geschiedenis geboren - niet als kinderen van Rome misschien, maar
wel van het protestantisme en het jodendom, met hun traditie van
dialectiek en zelfstandige tekstinterpretatie.
Gelukkig zijn de meeste islamieten in religieus opzicht lauw. Zoals het
gros van de mensen, christelijk en anderszins, zijn ze voornamelijk
geïnteresseerd in het leven van alledag, in een dak, brood, werk,
vriendelijkheid. De doekjes op het hoofd van hun vrouwen en dochters
vormen geen bedreiging van de openbare veiligheid. Maar elke hoofddoek
zegt hetzelfde: ik ben als vrouw, hoewel een mindere, verantwoordelijk
voor de seksuele zelfbeheersing van mannen.
Nogal wat linkse intellectuelen verdedigen dus in naam van de emancipatie
het islamitische recht op de mildste vorm van terrorisme:
vrouwenonderdrukking.
'Keuzevrijheid!' roept links met schrille stem.
Europa zou zichzelf nog opheffen uit respect voor zijn eigen principes.
Benno Barnard en Geert van Istendael zijn schrijvers
De Standaard, 3/02/08 |
|
De Standaard
LOKROEP VAN HET OBSCURANTISME
08-02-2008
Pag. 55
Herman De Ley gebruikt alle stalinistische 'truken van de foor' in zijn
aanval op Benno Barnard en Geert Van Istendael (DS 6 februari). Dat is nu
eenmaal de stijl van de voormalige directeur van het Centrum voor Islam in
Europa van de Gentse universiteit. Kritiek op de islam is taboe, alleen
het Westen heeft schuld aan al wat fout gaat in de wereld. Met dat
simplistische credo staat hij overigens lang niet alleen aan de UGent.
Zijn zogenaamde strijd tegen het racisme strekt zich ook niet uit tot het
antisemitisme. Pas na een waarschuwing van het Centrum voor Gelijkheid van
Kansen haalde hij als webmaster van het Centrum voor de Islam een link
naar een negationistische en antisemitische site weg. In zijn aanval op
Barnard en Van Istendael, die hij op een schandalige manier beschuldigt
van onverschilligheid inzake de shoah, maakt hij nog een obscene
vergelijking. Hij schrijft dat destijds 'héél Europa was doordrongen van
antisemitisme - zoals nu van antimoslimisme'. Dat is onverteerbaar. De
vervolging van de joden was een racistische vervolging, de shoah een
genocide. De joden werden niet uitgemoord om hun geloof, hun gedachten of
daden, maar puur omdat ze jood waren. Antisemitisme en 'antimoslimisme' in
één adem vernoemen, geeft bovendien aan dat moslims eigenlijk een ras of
een volk zijn. En dat is pure nonsens. Er zijn meer dan een miljard
moslims op deze wereld, van alle huidskleuren, op alle continenten. Maar
daarmee verkondigt hij wel de propaganda van veel imams, dat geloof gelijk
staat met identiteit, en dat kritiek op de islam dus gelijk is aan
racisme. Van professoren of emeriti van een antiklerikale universiteit zou
je echter meer onderscheid verwachten. Of wordt 'antichristianisme'
binnenkort ook een racisme? Daarnaast is het al te gortig nog maar een
aanzet van vergelijking te maken tussen het antisemitisme van de jaren
dertig en het 'antimoslimisme' van nu. Als de joden het in die tijd niet
slechter gehad hadden dan de moslims vandaag in onze maatschappijen, dan
zou er nooit een shoah geweest zijn. Dan zouden hun gemeenschappen
integendeel welig gegroeid en gebloeid hebben, en onze Europese cultuur
zoveel rijker hebben gemaakt. Maar toen waren er niet de wetten tegen het
racisme, de centra voor gelijke kansen, de bescherming van de minderheden.
En sla er kranten en boeken van die tijd op na. Ze staan bol van de
jodenhaat. Dat soort racisme is nu ondenkbaar, tenminste in de westerse
kranten en media - in de moslimwereld spuien ze ongegeneerd grof
antisemitisme. Zelfs ten aanzien van de islam, die een overtuiging is, en
daarom even bekritiseerbaar als christendom, communisme of geloof in de
vrije markt, is er in Europa een gigantische zelfcensuur aan de gang. Ten
dele is ze ingegeven door politieke correctheid. En daarnaast door schrik.
Men kan er donder op zeggen dat geen enkele uitgever zich aan een
islamitisch equivalent van de (overigens flauwe) Da Vinci Code zou wagen,
en geen enkele studio aan de verfilming. Het lot van Salman Rushdie, de
gewelddadige reacties op twaalf cartoons in een Deense krant waren
afschrikking genoeg. Bij uiterst links en een deel van links speelt nog
een factor. Door een perverse gedachtekronkel zijn vrijheid van denken,
zijn universele waarden, zoals de gelijkheid van man en vrouw, een soort
neokoloniale arrogantie geworden, een aanval op andere 'culturen'. Het
door uiterst links beheerste altermondialistisch front in Europa verkiest
Tariq Ramadan, die in Genève een opvoering van een toneelstuk van Voltaire
deed verbieden, boven vrijgevochten moslima's. Niet voor niets kregen
Barnard en Van Istendael enthousiaste dank voor hun steun aan progressieve
moslima's vanwege de Turkse journaliste Çimen Baturalp die hen interviewde
voor Cumhuriyet.
De alliantie tussen uiterst links en moslimfundamentalisme kan
tegennatuurlijk lijken, maar is het niet echt. De Franse journaliste
Caroline Fourest van Libération analyseert dat schitterend in haar boek
'La tentation obscurantiste'. De uiterst linkse en linkse gelovers in de
alliantie met 'de islam' zijn dezelfde 'denkers', of hun opvolgers, die
Stalin, Tito, Mao, Castro hebben verheerlijkt als vernieuwers der aarde.
En daar loopt een rode lijn door. Alle totalitaire bondgenoten zijn welkom
in hun onstilbare nood aan een heilsleer en in hun afkeer van de ene
permanente vijand: de westerse, rommelige maar zo kostbare, systemen van
vrijheid.
Mia Doornaert is redactrice van deze krant. Doorgeprikt staat netjes
verschijnt tweewekelijks op vrijdag
www.standaard.be/doorgeprikt |
| herman.deley@ugent.be |
|