CIE-INDEX

Waarom Abou Jahjah en niet Dedecker: Wie van de twee provoceert het meest?

door Noel Clycq, Sonja Spee, Laurence Claeys, Hilâl Yalçin,
Alexis Dewaele, Joz Motmans (2006)*


De Standaardredactie heeft het mooi uitgespeeld, twee opiniestukken van geen blad voor de mond nemende boegbeelden naast elkaar (DS, 22/06). Een droomscenario. De ene hekelt het racisme in Vlaanderen, de andere plaatst grote vraagtekens bij het multiculturele Vlaanderen en racisme als structureel probleem. De eerste heeft zware kritiek op wat hij een terminaal ziek en racistisch Vlaanderen noemt, de tweede vindt dat allochtonen teveel worden gepamperd. Welk van deze beide provocerende opiniestukken lokt reactie uit? Dat van Dyab Abou Jahjah (DS, 24/06). Het opiniestuk van Dedecker waarin hij langs zijn neus weg het positieve van racisme benadrukt of spreekt over islamo-socialisme, wordt niet bekritiseerd. Betekent dit dat deze denkbeelden, volledig overeenstemmend met een extreem-rechts en populistisch discours, worden onderschreven en aanvaard of gewoon het discussiëren niet waard zijn?

Dedecker en Abou Jahjah provoceren allebei erg graag. Het grote verschil is echter dat Dedecker een politiek mandaat uitoefent en aldus over een zekere macht beschikt, terwijl Abou Jahjah dit niet heeft. Waarom roept Abou Jahjah dan meer tegenkanting op dan Dedecker? Is het omdat hij een goedgebekte allochtoon is, die een maatschappelijke achterstand vanuit een specifieke invalshoek benadert? Is dat niet voor een groot deel zijn functie, wantoestanden aanklagen en opkomen voor een groep die achtergesteld is? In theorie is Dedecker immers verkozen om het gehele volk te vertegenwoordigen, niet enkel zijn kiezers.

Dedecker, die zichzelf een vrijgeleide verschaft door er een Marokkaanse allochtoon als mede-auteur bij te zetten, wijst er op dat 'zijn' Marokkaanse collega ook weet wat racisme is, maar dat deze vernedering hem juist versterkt en verrijkt heeft. Voor elke allochtoon wat racisme dus, want dat kan een mens alleen maar sterken en goed doen! Een gezonde portie racisme voor elke allochtoon? Een portie seksisme voor elke vrouw? Een portie homofobie voor elke holebi?

Dedecker spreekt verder van knuffelonderwijs, dat mede verantwoordelijk is voor de toegenomen kloof tussen autochtonen en allochtonen. Mocht Dedecker met mensen uit het onderwijsveld praten, hij zou beter weten. Is ook het Noord-Amerikaans beleid – nochtans geen schoolvoorbeeld van een ‘islamo-socialistische knuffelpolitiek’ – een verklaring voor de leerachterstand van Afro-Amerikaanse leerlingen? Durft Dedecker nog steeds dergelijke zaken beweren als duidelijk blijkt uit internationale vergelijking dat ieder ‘modern’ en ‘Westers’ land te kampen heeft met haar 'eigen' etnisch-culturele gemeenschappen die in een gevaarlijke achterstandpositie zitten (zie bijvoorbeeld het recente OESO-rapport over onderwijs)? Het zijn niet altijd en overal Marokkanen (of Turken, of moslims). In andere landen gaat het over Antilianen, Molukkers, Algerijnen, Afro-Amerikanen, Hispanics of Afro-Carribeans die op dezelfde wijze worden geproblematiseerd als de Turkse en Marokkaanse gemeenschappen in Vlaanderen en die met dezelfde achterstelling worden geconfronteerd.

Het meest absurde is natuurlijk dat Dedecker er als de kippen bij is om de stigmatisering van het Vlaams Belang en haar kiezers naar aanleiding van de racistische moorden in Antwerpen aan te klagen, maar zelf een van de hoofdrolspelers was in de stigmatisering van de Marokkaanse ‘gemeenschap’ na de moord op Joe Van Holsbeeck. Je moet echt wel ziende blind zijn - of kwaadwillig - om zoveel contradictie te negeren of te aanvaarden. Zelfs de leuze 'Eigen volk eerst' kan op een instemmend goedkeuren van Dedecker genieten, weliswaar nadat hij er de betekenis die het VB hieraan geeft volledig heeft uitgehaald: Vlaanderen moet exclusief autochtoon, blank en katholiek (lees: niet-moslim) zijn.

Vlaanderen is niet terminaal ziek, en het racisme kan wél teruggedrongen worden. Alleen zal dit een collectieve inspanning vergen van iedereen uit alle geledingen van de samenleving. Racisme en discriminatie beperken zich immers niet tot het Vlaams Belang. Mandatarissen van andere politieke partijen bewijzen af en toe lippendienst aan de strijd tegen discriminatie en racisme (anderen zwijgen er liever in het geheel over), maar vegen dit alweer even snel van tafel door opnieuw naar de voor hen échte problemen te wijzen waarover er niet langer gezwegen kan worden: het overroepen gebrek aan talenkennis, de zogenaamde falende opvoeding, het ontbreken van een werkattitude… de lijst is erg lang.

Er zijn inderdaad Maghrebijnse jongerenbendes in Vlaanderen, net zoals er bijvoorbeeld Afro-Amerikaanse of Hispanic bendes zijn in de VS, Afro-Carribean bendes in de U.K, Antilliaanse bendes in Nederland. Geen oprecht persoon ontkent deze realiteit. Maar betekent dit dat in al deze landen en tussen al deze minderheids- en meerderheidsgroepen een botsing van culturen aan de gang is, zoals Dedecker voor Vlaanderen insinueert? Nee, structurele discriminatie en racisme is de belangrijkste oorzaak. Deze discriminatie en uitsluiting is er, en geldt ook voor onder andere vrouwen en holebi’s, maar dus zeker ook voor allochtonen.

Bovendien gaat de beeldvorming over allochtonen nog altijd uit van een bijna exclusieve autochtone meerderheid, die deze problemen vooral in termen van een ‘multiculturele clash’ kadert. Het publieke forum is niet voor iedereen gelijk toegankelijk en blijft overwegend blank, middenklasse en mannelijk, ondanks de formele gelijkheidsprincipes en goede bedoelingen van sommigen. Het wordt dringend tijd om daar iets aan te veranderen en de (witte of zwarte) vinger op de wonde te leggen die racisme is, en dit niet simpelweg als een inhoudsloze provocatie van tafel te vegen. De eigen comfortabele en (symbolisch) machtige uitgangspositie voor autochtonen in Vlaanderen mag ook eens ter discussie worden gesteld. ‘Allochtoon’ of ‘autochtoon’ zijn in een samenleving betekent nu eenmaal niet hetzelfde, daar moet men zich bewust van zijn. Net zoals ‘vrouw zijn’ en ‘man zijn’ niet hetzelfde is.

Het is onze overtuiging dat er spijtig genoeg overal en altijd racisme en discriminatie zal zijn. In alle gemeenschappen. Maar er constant en oprecht – in woorden én geweldloze daden – tegen strijden, moet meer naar voor geschoven worden als een zinvolle invulling van het leven.

Om dit signaal te sturen, hebben wij dan ook mee gestapt in de mars van 26 mei. Want het was ook een mars tegen racisme en discriminatie.



Noel Clycq, Sonja Spee, Laurence Claeys, Hilâl Yalçin, Alexis Dewaele, Joz Motmans.

De ondertekenaars zijn onderzoekers in de sociologie, communicatiewetenschap en psychologie verbonden aan het Steunpunt Gelijkekansenbeleid.

http://www.steunpuntgelijkekansen.be/

CIE-INDEXWeb master: Herman De Ley Update: 10.12.2008