|
WAT
is de
hedendaagse migrantenactualiteit in Vlaanderen? De migrantengemeenschap
in Vlaanderen kunnen we grofweg definiëren als de islamitische allochtone
gemeenschap die in hoofdzaak bestaat uit Turkse en Marokkaanse migranten.
Er valt weinig op af te dingen dat deze islamitische allochtone gemeenschap
een minderheid vormt, met eventueel een subonderverdeling in een Marokkaanse
en een Turkse allochtone gemeenschap. Als zodanig kunnen zij aanspraak
maken op de rechten en vrijheden die door het internationaal recht wordt
toegekend aan minderheden. Meer bepaald wil dat zeggen dat zij de islamitische
godsdienst mogen belijden, dat het onderwijs voor de kinderen van deze
minderheidsgroep perfect moet kunnen geschieden in scholen met een `islamitische'
inrichtende macht, dat waar mogelijk de wetgeving rekening moet houden
met het islamitische geloofskader van deze minderheid en vooral dat de
overheid (de meerderheid) er een actieve bijdrage toe dient te leveren
om deze rechten geen dode letter te laten blijven. Zij zou de minderheid
op wettelijk en financieel vlak de mogelijkheid moeten geven hun cultuur,
tradities en taal bij te brengen zoals die minderheid die definieert. De
minderheid dient de gelegenheid te krijgen een positief identiteitsbeeld
op te bouwen, in casu betreffende de islam en het moslim-zijn, en de overheid
moet aan die positieve identiteitsvorming meewerken. Politieke inspraak
moet gegarandeerd worden aan alle personen van die minderheid die gedurende
niet al te lange periode legaal in België
|
verblijven en van plan zijn hun
toekomst hier op te bouwen. Politieke partijen en andere organisaties die
racistisch, xenofoob of intolerant gedrag op welke manier dan ook vertonen
tegenover de islamitische en elke andere minderheid, moeten zonder meer verboden
worden.
De multiculturele
gemeenschap in Vlaanderen mag geen schim zijn maar moet een concrete realiteit
worden. De organisaties die voor of met migranten werken, moeten waar mogelijk
geleid worden door migranten zelf. Van paternalisme en betutteling kan
geenszins sprake zijn. |
'De
multiculturele gemeenschap in Vlaanderen mag geen schim zijn maar moet
een concrete realiteit worden' |
De personen
die het best de positie van migranten kennen, zijn de migranten zelf. Het
integratieconcept zoals dat tot op de dag van vandaag door de overheid
gedefinieerd en ontwikkeld werd en dat in feite neerkomt op assimilatie,
is mensonterend, racistisch, xenofoob en onderdrukkend en dient van de
hand gewezen te worden. Het is af te raden dat autochtone islamologen en
antropologen in migrantenorganisaties of instellingen die met migrantenthema's
werken, de beleidslijnen uitstippelen in deze organisaties, aangezien het
eerste doel van zulke wetenschappers in overheidsfunctie vaak niet is de
rechten van minderheden te bevorderen maar vooral ze beter in kaart te
brengen en ze zodoende beter te controleren en te domineren. Veeleer moeten
er juristen in de plaats komen die prospectief voorstellen kunnen formuleren
om de rechtspositie van migranten en moslims te verbeteren.
Tevens
blijven alle internationale bepalingen in verband met racismebestrijding
onverminderd van kracht tegenover individuele migranten van Marokkaanse
of Turkse origine gezien hun etnische afkomst. In dat opzicht moet er snel
werk gemaakt worden van een federale instelling die zich met niets anders
bezighoudt dan met racismebestrijding. Die instelling moet door een migrant(e)
geleid worden die algemene integriteit bezit en in het bijzonder de steun
geniet van de migrantengemeenschap.
De bewustwording
van de migrantengemeenschap omtrent dat thema wordt realiteit met de ontslageis
van Johan Leman, die de islamitische migrantengemeenschap al jarenlang
met een kluitje in het riet stuurt: van een doeltreffende racisme- wetgeving
is geen sprake, migranten hebben onder zijn beleid hun islamitische identiteit
gefnuikt gezien en hun sociaal-economische positie is er enkel op achteruitgegaan
in het licht van de toenemende aanhang van extreem-rechts die Leman zelfs
ten dele als democratisch legitimeert. Het gelijkekansenbeleid voor migranten
moet door een andere instelling uitgevoerd worden. Die moet bij voorkeur
geleid worden door een migrante die speciale aandacht zal schenken aan
gelijke kansen voor migrantenvrouwen en andere zeer kwetsbare groepen binnen
de migrantengemeenschap.
Ten slotte
moeten migranten de kans krijgen zélf hun politieke kandidaten voor
te dragen en moeten ze geen (migranten-)kandidaten die de assimilatiebelangen
van de meerderheid steunen accepteren als zogenaamde migranten- woordvoerders.
Men kan niet om de vaststelling heen dat de huidige migrantenverkozenen
door de autochtonen verkozen zijn juist omdat ze zich volledig hebben geassimileerd
en zich in ruil voor een aangenaam postje en een royale verloning niet
te veel aantrekken van de belangen van de migrantengemeenschap. Ondertussen
wordt de democratische schijn van de traditionele partijen hoog gehouden,
wordt een eventuele discriminatieklacht tegenover de overheid goedkoop
in de kiem gesmoord en bieden deze trouwe luitenanten de zekerheid dat
er niets wezenlijk gebeurt om de situatie van migranten te bevorderen.
De weg
naar bewustwording van de migrantengemeenschap zal lang en moeilijk zijn.
Er dient evenwel een open dialoog met de autochtone gemeenschap gevoerd
te worden in een kader van wederzijds respect. Rechtmatige eisen en klachten
moeten daarvoor niet minder hard weerklinken. |