Communicatie, Informatie, Educatie

• CIE-INDEX • ARCHIEF • TEKSTEN/TEXT(E)S • eBOEKEN • LINKS • 


"De moskee wordt een ontmoetingenscentrum".

Meryem Kanmaz en Herman De Ley zien de islam 
zich aanpassen aan de lekenstaat.
 

Reportage door Bart Eeckhout en Cathy Galle

Foto's Filip Claus

De Morgen, 20 april 2000

"Niemand, ook niet in progressieve, intellectuele kringen, durft nog openlijk de waarde te erkennen van de islam voor de migrantengemeenschap, omdat dat zogezegd de stigmatisering zou bevestigen. Die collectieve zwijgzaamheid is het beste bewijs dat het discours van de discriminatie zich overal verspreidt." Meryem Kanmaz en Herman De Ley van het Centrum voor Islam in Europa (RUG) doorbreken het taboe.

Professor De Ley wordt wel eens vaker uitgenodigd voor een lezing over de islam. Telkens een hele uitdaging, ook voor een ruimdenkend publiek. "Dan komt zo'n mevrouw me achteraf zeggen: 'Ja, maar ze zijn toch onverdraagzaam. Ik ging eens in Libanon op het strand liggen en werd met steentjes bekogeld'. Tegen dergelijke dwaasheden is het moeilijk argumenteren." Nochtans valt er heel wat uit te leggen. Bijvoorbeeld dat de islam in Vlaanderen niet de islam in Libanon is. "De islam is een wereldgodsdienst die zich op alle continenten heeft aangepast", zegt Meryem Kanmaz, die de evolutie van de islam in Vlaanderen bestudeert. "Mensen gaan op zoek naar een godsdienstbeleving die tegemoetkomt aan de behoeften die hier, in een lekenstaat, ontstaan."

Mogen we dan spreken over een 'nieuwe', Europese islam?


Kanmaz: "Voor een moslim bestaat er maar één islam. Je kunt dus niet spreken over een 'nieuwe', die zich zou afzetten tegenover de oude, de 'islam, van de vaders'. Maar het beweegt wel. De modellen die meegebracht zijn door de eerste generatie migranten, voldoen niet voor de jongeren. Als de imam zegt: 'je mag niet roken of niet drinken', vinden de jongeren dat best een discussie waard.

Jonge migranten proberen zelf vorm te geven aan hun godsdienstbeleving. Voor sommigen is de islam nog altijd belangrijk om een identiteit te verwerven. Jongeren zijn er dus nog wel bezig maar meer als allochtoon dan als moslim. De nieuwe generatie wil dat de moskee zijn religieuze functie overstijgt.

De moskee wordt voor hen een ontmoetingscentrum waar ze lessen Arabisch en godsdienst krijgen maar ook allerlei dienstverlening. In België krijgen ze geen toegang tot de reguliere organisaties, dus wordt de moskee een zelforganisatie van moslimmigranten."
 

'Jongeren zijn nog wel bezig met de islam, maar meer als allochtoon dan als moslim'

Wat is de plaats van de imam in die evolutie?

Kanmaz: "De imam heeft een religieuze functie. Soms wordt hij wel eens


geraadpleegd voor dagelijkse problemen, maar dat is niet de regel. In Nederland woedt daar een grote discussie over. De overheid verwacht daar meer dat de imam een soort maatschappelijk werker wordt. Bij ons merk je dat het de islamleraar is die veel bevraagd wordt. Hij wordt de intermediair tussen de moslimgemeenschap en de buitenwereld”.

Welke rol speelt de Moslimexecutieve in de integratie van de moslimgemeenschap?

De Ley: "De Moslimexecutieve staat onder voortdurende druk, omdat ze geklemd zit tussen de moslims en het institutionele Belgische kader. De Executieve is in belangrijke mate een creatie van de staat. De federale overheid organiseerde de verkiezingen, de kandidaten werden gescreend door de staatsveiligheid. De verkiezingsprocedure van de Executieve was een stap in de richting van meer staatscontrole op de islam. Al die jaren heeft men als gesprekspartner enkel strikt religieuzen gekozen.

Al wie cultureel, politiek of in de vakbond actief was werd buiten de gesprekken gehouden. Daardoor kwam men als vanzelf uit bij radicalere moslims. De 
overheid heeft zich daar zelf een probleem op de hals gehaald en dat later op een erg twijfelachtige manier proberen recht te zetten. Kandidaten voor de Executieve werden om onduidelijke redenen, vaak gebaseerd op roddels, door justitie geweerd."

Sinds haar verkiezing werd er nog weinig over de Executieve vernomen.

De Ley: "De verkiezing was een soort institutionalisering van het wantrouwen. Ik zeg dat met enige reserve, want de mensen die zich voor die oprichting hebben ingespannen, hadden de beste bedoelingen. Maar het beeld dat is blijven hangen, was duidelijk: de staatsveiligheid moet de moslims controleren, want de islam is een buitenlands gevaar."

De islam wordt onder meer met 'gevaar' geassocieerd
omdat hij de scheiding tussen kerk en staat niet zou kennen.

Kanmaz: "In lokale gemeenschappen is dat geen punt van discussie. Die mensen zijn hier opgegroeid. Ze beschouwen de


democratische verworvenheden ook als de hunne. Ze willen daarnaast wel hun religiositeit kunnen beleven."

Dat wordt in een lekenstaat toch niet verhinderd? 

De Ley: "Het hangt er vanaf hoe je die lekenstaat invult. Geef je die een neutrale, democratische invulling of een ideologische, antigodsdienstige? Dat laatste is bijvoorbeeld het geval bij de beslissing van de Gentse schepen Chantal Claeys (VLD) om op de stedelijke begraafplaats geen perceel te voorzien voor moslims.

In naam van de lekenstaat, in naam van de gelijkheid en de emancipatie wordt moslims  het recht ontzegd om hun doden te begraven overeenkomstig hun cultusgebruiken.

Dat paternalisme is hemeltergend. Men is 'tegen getto's' en een perceel op een begraafplaats voorbehouden voor moslims stimuleert, zegt men, de gettovorming. Dat vrijzinnigen in aparte columbaria begraven worden, is dan blijkbaar geen getto. Moslims vragen niet veel hoor. Ze willen alleen een apart perceel met een haagje waar de graven in een bepaalde richting kunnen liggen, want moslims moeten met hun aangezicht richting Mekka worden begraven."

Grijpen moslims de koran niet doelbewust aan om zich niet te hoeven integreren?


De Ley: "Waar vindt een bevolkingsgroep die zich niet aanvaard voelt haar identiteit? In wat ze als het eigene herkent. Het gevaar is net dat men door het niet toekennen van politieke basisrechten mensen afkeert van de maatschappij en laat kiezen voor het individuele isolement."

Kanmaz: "De neiging bestaat om elk maatschappelijk fenomeen in de moslimgemeenschap te duiden vanuit de koran. Een moslimgemeenschap wordt nooit als een cultureel fenomeen bekeken, maar telkens vanuit een strikt religieuze invalshoek. Het feit dat migranten politiek niet kunnen participeren, hun godsdienst met moeite erkend wordt, en een groot deel van hun groep achtergesteld wordt, verklaart beter welke rol de islam in hun gemeenschap kan spelen dan welke religieuze interpretatie ook."
 


"Door de islam te demoniseren wordt racisme gerechtvaardigd"


België heeft géén multiculturele samenleving. Daar zijn Herman De Ley en Meryem Kanmaz rotsvast van overtuigd. "Wij kunnen erg goed om met diversiteit", verkondigt De Ley cynisch. "Iemand uit Singapore is perfect welkom! Wij leven in werkelijkheid in een monocultuur, met een daaronder aantal subculturen. De migranten zijn erbij gekomen, als een nieuwe subcultuur, maar met als grote handicap dat zij niet de historische achtergrond hebben van bv. de arbeiderscultuur. Het gaat om een sociaal lagere klasse van vreemde afkomst die nog altijd gediscrimineerd wordt."

"Het symbolische kapitaal van die gemeenschap wordt daarenboven gedevalueerd. Door de islam te demoniseren, wordt racisme gerechtvaardigd. Dat is perfect vergelijkbaar met de hetze tegen de joden in de jaren dertig. 'We moeten ons verdedigen tegen de islam', is een slogan die je ook in vrijzinnige, zogenaamde tolerante kringen hoort. Ook in de sector van de hulpverlening: welzijnswerk, jeugdopvang, enz.... is er een totaal gebrek aan inzicht in wat islam in feite is. Uit angst reageert men afwijzend, racistisch. Ik ken het geval van een kinderdagverblijf. Twee kinderen van acht maanden moeten eten krijgen, een autochtoon en allochtoon. Wat zegt de verantwoordelijke? 'Laat dat Turkje maar wachten, die is dat toch gewoon van tijdens de ramadan.'"


Is dat racisme of onwetendheid?

Kanmaz: "Die vraag doet er niet toe. Racisme wordt altijd bekeken vanuit het standpunt van de dader. Of iemand bewust of onbewust discrimineert, maakt niet uit. Het gaat om wat het slachtoffer voelt. We gaan incest toch ook niet beoordelen vanuit het standpunt van de vader. Waarom levert de antiracismewet zo weinig veroordelingen op? Ga maar eens bewijzen dat iemand de intentie heeft racistisch te zijn."
 

Waarom verheft de allochtone gemeenschap zelf haar stem niet in dit debat?

Kanmaz: "Bij de allochtonen is er een grote vermoeidheid gegroeid om uit te leggen wie ze zijn. Vergeet ook niet dat het hier grotendeels gaat om een arbeidersgemeenschap. Wie hoor je in de autochtone gemeenschap? Niet de arbeiders, wel academici of politici. Hoeveel allochtonen zitten er aan de KU Leuven? Veertig." (BE / CG)


Signalement


Dra. Meryem Kanmaz is licentiate in de politieke wetenschappen (VUB) en werkt als onderzoeker voor het Centrum voor Islam in Europa (CIE) van de Universiteit Gent. Ze was voordien aan de slag als  coördinator van het migrantenvrouwencentrum Casa Blanca in Vilvoorde. Ze is van Turkse origine en nam tot dusver 'bewust' de Belgische nationaliteit nog niet aan.

Herman De Ley is [ex-]directeur van het CIE. Hij is [emeritus gewoon] hoogleraar aan de Vakgroep Wijsbegeerte en  Moraalwetenschap van de UGent.


AL-MARKAZ AT-TARBAWI

Educatief Centrum (Gent)

"De islam van de vaders ligt voor jongeren te ver van hun bed":

de moeilijke evenwichtsoefening van jonge moslims

 

Gent ,
Van onze verslaggeefster,  Cathy Galle

"Een evenwicht vinden tussen islambeleving en de leefwereld van de migrantenjongeren in Vlaanderen is een moeilijke oefening. Maar we willen er ons toch aan wagen", stelt Brahim Laytouss van het Al-Markaz At-Tarbawi, of het Educatief Centrum, in de Gentse Victor Frisstraat [nu: Elyzeese Velden]. Het Centrum is een moskee én een socio-culturele ontmoetingsplaats in één, waar voornamelijk jongeren terecht-kunnen voor gebed, vorming en ontspanning. Een uniek project dat binnenkort wellicht in andere steden navolging krijgt.

"Tuurlijk bidden wij hier ook. Alleen doen we nog veel meer dan dat", steekt Brahim Laytouss van wal. Aan de vlotte manier van praten te horen, is hij het gewoon om mensen rond te leiden in zijn centrum.
 


Het gelijkvloers van het kleine pand doet dienst als ontmoetingsruimte en bibliotheek, de moskee zelf is op eerste verdieping, op de bovenste verdieping zijn klaslokaaltjes. Sinds de oprichting in oktober van vorig jaar houdt de Unie van Moskeën de evolutie van het Educatief Centrum nauw in het oog. Toen beslisten 8 jonge islamleerkrachten van Turkse, Marokkaanse en Tunesische afkomst om een centrum op poten te zetten waar vooral kinderen en jongeren terecht kunnen met hun identiteitsproblemen. Bijna wekelijks komen delegaties van andere moskeeën een kijkje nemen. Want dit project zou wel eens een goeie oplossing kunnen zijn voor de toekomst.

"Migrantenjongeren in Vlaanderen hebben het bijzonder moeilijk", weet de voorzitter van het centrum. "De islam van hun ouders is voor de meesten een ver-van-mijn-bed-show waar ze geen voeling mee hebben. Ze begrijpen de leer niet goed, weten niet wat ze ermee aanmoeten, laat staat hoe ze die in het dagelijkse leven moeten implementeren. Ze merken enkel dat er een groot verschil is tussen wat de voorgeschreven wetten zeggen en wat ze in de realiteit ervaren. Geen wonder dat ze met identiteitsproblemen kampen."

Een moskee, in een modern kleedje weliswaar, kan een grote rol spelen bij die zoektocht. Maar dan moet de moskee wel bereid zijn met de veranderde realiteit mee te gaan. Eén manier om de jongeren meer bij de islam te betrekken bestaat erin de vrijdagpreken van de imam te vertalen naar het Nederlands. Op die manier voelen vooral de jongeren zich meer betrokken. "We willen voorkomen dat de jongeren in slaap vallen tijdens de preek", lacht Laytouss.

"De jongeren zijn hier geboren en


groeien hier op. Ze volgen hier onderwijs, spreken Nederlands en leven tussen de westerse jongeren. Dan komen ze in hun moskee en aanhoren tijdens het vrijdaggebed de imam. De preek is in het Arabisch, een taal die de meesten niet volledig onder de knie hebben. De imam heeft het ook meestal over grote gebeurtenissen uit een ver verleden, terwijl jongeren meer bezig zijn met sociale problemen als werkloosheid, drugs, gebrek aan vrienden. Hier krijgen ze een vertaling van de preek naar het Nederlands en praten we nog na over de betekenis ervan."

Het is belangrijk dat jonge moslims Arabisch kennen, maar het is op zijn minst even belangrijk om met computers om te kunnen gaan of een leuke hobby te hebben, vinden ze in het Educatief Centrum. Daarnaast worden ook koranlessen gegeven. Op de traditionele manier, want het is belangrijk om de koran te kennen en te begrijpen, stelt Laytouss. "We willen niet dezelfde fouten maken uit het verleden. De koranverzen werden in het verleden soms fout geïnterpreteerd en omgezet in allerlei onduidelijke wetten en regelgeving die de verwarring binnen en ook buiten de moslimwereld er alleen maar groter op heeft gemaakt. Teruggaan naar de roots kan erg verhelderend werken."

Vernieuwend is hun aanpak zeker, maar toch willen de initiatiefnemers niet de stempel van 'progressieve' moslims krijgen. Laytouss spreekt liever over een 'nieuwe aanpak' van de islam in Vlaanderen. "Het belangrijkste is dat jongeren een evenwicht vinden tussen het moslim zijn en de westerse samenleving waarin ze leven. Ze moeten dat wel zelf zien te redden, want rolmodellen zijn niet voorhanden. We kunnen hen hierin enkel begeleiden."

____________
 


De Morgen
, 20 april 2000, p. 7.
• CIE-INDEX • ARCHIEF • TEKSTEN/TEXT(E)S • eBOEKEN • LINKS • 

Web master Update: 9 december 2005